Het Hinsz orgel van de Grote Kerk Harlingen
Het orgel van de Grote Kerk te Harlingen is in 1776 opgeleverd door de beroemde orgelmaker Albertus Anthoni Hinsz uit Groningen.
De bouw ervan vond plaats tijdens de laatste fase van de bouw van de kerk (1771-1776). Hierdoor konden de proporties en de ornamentatie van het orgel in overeenstemming gebracht worden met de hoogte en de stijl van de kerk. Het resultaat is een orgel met een rijzig voorkomen en een front met uitbundige neo-classicistische decoraties, hoewel de houtsnijder, Johann Georg Hempel, kans zag hier en daar rococo elementen toe te voegen die karakteristiek waren voor eerdere orgels van Hinsz. Het resultaat is een interessante mengeling van rococo en neoclassicistische (Lodewijk XVI) decoraties.De speeltafel is, met uitzondering van de klavieren en de registeropschriften, nog origineel. Boven de speeltafel bevindt zich het volgend opschrift: Den XI van de herfstmaand MDCCLXXV is de eerste pyp in dit orgel gezet, en op hetzelve voor de eerste reis gespeeld. Daaronder bevindt zich een fraaie lezenaar met inlegwerk, waarin een achttiende-eeuws muziekwerkje is afgebeeld. |
De oorspronkelijke dispositie van het orgel is slechts ten dele bewaard gebleven. In 1864 verbouwde P. van Oeckelen het orgel ingrijpend en verving een aantal tongwerken door nieuwe, romantisch getinte registers, die daarna, in 1938, door J. de Koff werden vernieuwd. Hierdoor is het klankbeeld van het orgel enigszins veranderd. Er wordt nagedacht over een restauratie waarbij het typische Hinsz karakter weer meer benaderd zou worden. Ook zonder deze ingreep is het orgel echter een majestueus instrument dat waard is tot in lengte van dagen bewaard te blijven. Het behoort tot de mooiste orgels in Nederland, gesitueerd in een schitterende ruimte met uitnemende akoestiek.
Dispositie:
Hoofdwerk(I): Bourdon 16’. Prestant 8’, Baarpijp 8’, Holpijp 8’, Octaaf 4’, Open fluit 4’, Quint 3’, Superoctaaf 2’, Woudfluit 2’, Mixtuur B/D 3-4-5 st., Cornet D, 5 st, Trompet B/D 16’, Trompet 8’, Hautbois 8’.
Rugpositief (II): Prestant 8’, Fluit d’Amour 8’, Quintadeen 8’, Viola di Gamba 8’, Vox Céleste D 8’, Salicionaal 4’, Gedaktfluit 4’, Nasard 2 2/3’, Speelfluit 2’, Calcodion 8’, tremulant.
Pedaal: Subbas 16’, Prestant 8’, Gedakt 8’, Quint 6’, Octaaf 4’, Nachthoorn 2’, Bazuin 16’, Trombone 8’, Trompet 4’, Cornet 2’.
Manuaalkoppel, Pedaalkoppel, Afsluiting manualen en pedaal. Omvang C-f3/C-d1. |